Probeert u eens, in verhaalvorm, leven en werk van Jacob Cats beschrijven. Als u liever over één van de andere in deze les genoemde schrijvers of dichters wilt schrijven, is dat ook prima. Bent u niet in het bezig van voldoende gegevens? Wend u dan tot de bibliotheek!
Jacob Cats
“Goedemorgen allemaal!” Guus komt de klas binnen gelopen. “Sorry dat ik te laat ben. Mijn hond is vannacht ziek geworden.” Hij wrijft de slaap uit zijn ogen. “Waar waren we de vorige les ook alweer gebleven?” Terwijl de leerlingen zuchtend hun boeken open slaan, herinnert Guus zich de vorige les. Wat een chaos was het toen zeg! Als hij nu naar zijn klas kijkt, zijn ze een stuk rustiger. Waarschijnlijk heeft dat iets te maken met de 10-minuten gesprekken die vorige week zijn gehouden, denkt hij lachend.
“Oké. In de vorige les hebben we dit onderwerp genoeg behandeld. Laten we verder gaan op bladzijde 110. Jacob Cats,” hij kijkt de klas rond. “Wie kan mij vertellen wie Jacob Cats is?” Zijn leerlingen beginnen koortsachtig in hun boek te bladeren en kijken elkaar vragend aan. “Niet in de boeken kijken, jongens. Gewoon een algemene vraag; kan iemand mij vertellen wie Jacob Cats is?” Lisa steekt aarzelend haar hand op. “Is dat niet die bekende Nederlandse dichter? Hij heeft zo’n bijnaam,” vraagt ze zichzelf hardop. “Klopt helemaal, Lisa. Jacob Cats heeft inderdaad een bijnaam. Iemand die zijn bijnaam weet?” Bij geen reactie slaat ook Guus zijn docentenboek open. “Zijn bijnaam is Vader Cats.” “Oh ja, dat was het.” “Wat weet je nog meer over hem, Lisa?” “Tja, ik weet dat hij een Nederlands dichter is, maar meer dan dat ook niet hoor, meneer.” Guus kijkt zijn leerling met een glimlach aan. “Dat maakt helemaal niet uit. We gaan het nu allemaal te weten komen.”
“Jacob Cats was inderdaad een Nederlands dichter, maar ook een jurist en politicus. Hij is geboren op 10 november 1577 in Den Haag en was het 4e kind.” Jules onderbreekt hem. “Oh nee hé! Als hij jurist én politicus is geweest, dan zullen zijn teksten waarschijnlijk ontzettend saai zijn geweest! Dat kan niet anders!” “De politiek en het hele advocatengebeuren zijn echt niet zo saai als het lijkt, Jules. De teksten van Jacob Cats zullen voor jullie misschien een beetje saai zijn, maar er zijn nog genoeg mensen fan van hem. Of noemen hem een geweldige inspiratiebron!” “Dat zal vast meneer, maar wat heeft dat te maken met deze les?” De andere leerlingen beginnen zich ermee te bemoeien. Nog voordat Guus zich ertussen kan mengen, barst er een vulkaan van stemmen los. Zo lang hebben die 10-minuten gesprekken ook niet geholpen, denkt Guus.
Zodra de leerlingen allemaal weer stil zijn, gaat Guus verder met zijn verhaal. “We gaan verder waar we gebleven waren. Jacob Cats legde zijn eed af in 1603.” Whitney steekt haar vinger in de lucht. “Meneer, wat is dat?” Een aantal kinderen proesten het uit. Wie weet er nu niet wat een eed afleggen betekent? Guus negeert het geroezemoes. Whitney is net geëmigreerd vanuit Amerika en weet nog lang niet alle Nederlandse woorden. “Een eed afleggen? Een eed is een plechtige belofte of verklaring. Je moet bijvoorbeeld in de rechtbank verplicht een eed afleggen. Dan zeg je eigenlijk dat je de waarheid zult zeggen. Als je dit niet doet, pleeg je meineed.” Whitney is tevreden met het antwoord.
“Hij vestigde zijn praktijk in Middelburg. Na de toets van vorige week moeten jullie allemaal weten waar dat ligt.” De kinderen roepen allemaal: “Zeeland!” “Goed zo! Jacob behandelde in zijn praktijk voornamelijk geschillen over de kaapvaart, maar door het ‘Twaalfjarige Bestand’ verminderde deze processen.” De kinderen kijken hem glazig aan. “Twaalfjarig Bestand?” vraagt een van zijn leerlingen. Guus krabt zich achter zijn oren. “Tja, misschien zal ik daar binnenkort ook iets over uitleggen. Het Twaalfjarig Bestand is in ieder geval – zoals het al doet vermoeden – een periode van 12 jaar van wapenstilstand in de Tachtigjarige Oorlog. Er werd niet of nauwelijks door de opstandelingen in de Republiek en de Spanjaarden gevochten. Hierdoor hield de kaapvaart op en verminderde de processen die door Jacob werden behandeld. In 1621 werd hij pensionaris van Middelburg en later van Dordrecht. Hiermee adviseerde hij de stad in juridische aangelegenheden.”
“Meneer? Ik vraag me iets af. Heeft die Jacob niet iets te maken met het Catshuis dat je nu regelmatig op de tv ziet?” “Klopt helemaal, Amber! Goed opgemerkt. Het Catshuis zoals jullie hem nu kennen, heette vroeger Zorgvliet. Jacob Cats is daar in 1660 overleden. Het huis wordt nu gebruikt als ambtswoning van de minister-president.” “Gadver! Dan woon je in een huis waar iemand is overleden!” Jules trekt er een vies gezicht bij. De kinderen bulderen van het lachen. “Waarom is dat nou weer vies? De kans dat er in jouw huis iemand is overleden bestaat toch ook? Daarnaast woont onze minister-president niet in dat huis.” “Wat moet hij dan in dat huis?” “Er worden voornamelijk gasten – zoals collega-bestuurders – ontvangen.” “Saai.” Guus negeert Jules’ laatste opmerking en gaat verder. “We dwalen af. Lisa? Kun je ons ook vertellen waarom de bijnaam van Jacob Cats Vader Cats is?” Lisa denkt even na. “Nee, dat weet ik helaas niet.”
“Jacob Cats hechtte grote waarde aan normen en waarden. Deels kwam dit voort uit zijn streng gereformeerde aard, maar ook uit algemeen moreel besef. In de teksten die hij schreef adviseerde hij de lezer op alle terreinen van het leven. Zijn beroemdste werk was het boek ‘Houwelick’ dat tips gaf voor een goed christelijk huwelijksleven. Daarnaast komen er een groot aantal spreuken die wij kennen van zijn hand. Ook in zijn spreuken hoor je een sterk opvoedende en belerende toon. Een van zijn spreuken zijn ‘als is de leugen nog zo snel, de waarheid achterhaalt haar wel’, ‘kinderen zijn hinderen’ en ‘wie op 2 hazen jaagt, vangt er vaak geen’.
“Dan kunnen jullie nu beginnen aan de opgaven van hoofdstuk 8.” Er wordt luid gezucht in de klas. “Het gaat over diverse spreuken die we in het dagelijks leven vast wel een keertje voorbij horen komen. Er staan er zelfs een paar van Jacob Cats tussen. Vanaf volgende week gaan we verder met het oefenen van diverse Cito-toetsen van voorgaande jaren – alleen nu in een keer door. Alle leerlingen buigen over hun opdracht.
Guus loopt zijn lokaal uit voor een kopje koffie. “Meneer?” Whitney loopt verlegen naar Guus toe. “Wat is er, Whitney? Heb je nog vragen?” “Nou…” twijfelt ze even. “Ik wil eigenlijk wel meer weten over die Jacob Cats.” Ze probeert de woorden zo goed mogelijk uit te spreken. Guus denkt even na. “Als je wilt kan ik wel een boek over hem lenen in de bibliotheek? Daar staat van alles in over zijn leven en de gedichten die hij heeft geschreven.” “Is dat niet te moeilijk voor mij?” “Waarschijnlijk wel, maar ik kan je erbij helpen. Als de andere leerlingen bezig zijn met hun toets, hebben wij mooi de tijd om dat boek eens samen door te bladeren. Wat vindt je ervan?” Whitney begint enthousiast te knikken. “Mooi… Ga maar gauw terug naar de klas. Ik kom er zo aan.” Guus kijkt zijn leerling na en verwondert zich over het feit hoe leergierig Whitney is. De Nederlandse taal beheerst ze nog lang niet goed en je hoort er nog een goed accent doorheen, maar ze wil ontzettend graag leren. Terwijl hij zijn koffie pakt en terug loopt naar zijn klas, herinnert hij de uitspraak van Jules over Jacob Cats. Een dichter die Guus absoluut niet saai vindt. Ik heb al veel te lang geen boeken meer gelezen die door hem zijn geschreven, denkt Guus. Vanavond zal ik weer beginnen in een boek, belooft hij zichzelf plechtig en loopt zijn klaslokaal binnen.
Cijfer 8,5
Prima. Bijzonder leuke insteek voor een biografie.

Pingback: 212. Wat een bevalling! | Ikke Online
Wat een opdracht zeg! :( Dat lijkt me vreselijk want dan ben je al snel geneigd een soort van artikel te schrijven wat zo op Wikipedia kan? Dat was vast weer niet de bedoeling? Had je een doelgroep voor de opdracht of was je er helemaal vrij in? Ik vind het in elk geval een hele originele insteek, daar was ik zelf vast niet op gekomen!
Ik denk dat het ook een hele leerzame ervaring is dat je, ook al ligt het onderwerp je niet helemaal, je een heel eind kan komen. Een docente van de Hogeschool zei ooit tegen me dat je als je schrijft altijd opnieuw moet lezen en verbeteren, schrijven en dan weer herschrijven net zo lang tot je tevreden bent. Als ik je blog over deze opdracht las dan heb je dat ook gedaan, ik heb het ook toegepast bij NaNo. Het is nooit in één keer perfect, er valt altijd wat bij te schaven en aan te vullen! :)
En ondertussen heb ik nog altijd geen mening gegeven. Ik vind dat je dit stuk heel toegankelijk hebt geschreven. De informatie staat in kleinere brokjes door het verhaal heen. Zo is de informatie in ieder geval niet meer saai!